09.05.07 ROOTSTIME (Belgium) STEPHEN SIMMONS | Something In Between Label : Locke Creek Records / Rounder Europe Distr. : Munich Records Ik herinner me dat één van de eerste CD’s die ik voor Rootstime mocht bespreken “Last Call” was van Stephen Simmons, een album dat onze Freddy al eerder onder de loep had genomen toen de CD in 2004 in Amerika verscheen, maar dat eind 2006 voor het eerst op de Europese markt werd uitgebracht, ongeveer tegelijkertijd met zijn nieuwe 2006-CD “Drink Ring Jesus”. Een andere herinnering was dat ik “Last Call” een uitstekende plaat vond van een singer-songwriter die mooie liedjes in het country-pop-rootsrockgenre schreef voorzien van aangrijpende en doordachte teksten. En zie nu, vandaag ligt hier de nieuwste schijf van Stephen Simmons voor me op tafel ter bespreking. Ook nu prijs ik me weer gelukkig dat ik werd uitverkoren om wat te vertellen over “Something In Between”, een CD die alweer 11 uitstekende moderne songs bevat die zo allemaal op de gespecialiseerde radiozenders door de ether kunnen gejaagd worden. Onderwerp van de teksten is de complexiteit van de menselijke relaties, de veranderende emoties die je op diverse momenten in relaties ondergaat en alles wat daarbij komt kijken. Af en toe doet de stem en de muziek van Stephen Simmons me denken aan Dwight Yoakam of aan Neil Young, vooral als de mondharmonica wordt bovengehaald, zoals hij al meteen doet in het eerste nummer “Don’t Mind Me”. Muzikaal zijn alle nummers stuk voor stuk volwaardige producties geworden: “Hold You Today”, “New Scratches” en “Hey” en “Go Easy On Me” klinken heel catchy en swingend met gitaar en orgel als weerkerende sfeermakers. Wat rustiger gaat het er aan toe in de ballads “We’ll See” (over donkere wolken die boven een relatie hangen),”Long Road” (over wantrouwen in een relatie), “Down Tonight” (wat een prachtsong over hartverscheurende schuldgevoelens) en afsluiter “All The Time I’ve Got”. Stephen Simmons werd als zoon van een fabrieksarbeider en een onderwijzeres opgevoed in Woodbury nabij Nashville, Tennessee, de bakermat van de countrymuziek. Vanzelfsprekend kan je die invloeden dan ook niet wegdenken uit de muziek die hij later is gaan schrijven en waarmee hij op weg is om een grote mijnheer in het genre te worden. “Something In Between” werd opgenomen in een studio in Nashville, Tennessee waar in het verleden mensen als Elvis Presley, Neil Young, Joe Cocker en B.B. King al muziek voor het nageslacht vereeuwigden. Misschien is er in de toekomst nog een plaatsje vrij in deze galerij der groten voor dit nieuwe talent. Zeer mooie plaat en zeker geen tussendoortje. Ik ga ze meteen nog eens opzetten. (valsam) 07.12.07 ROOTSTIME (Belgium) STEPHEN SIMMONS | Last Call 3 jaar geleden mochten we "Drink Ring Jesus" van Stephen Simmons al bespreken bij Rootstime. En een jaartje later verzorgde Freddy het recensiewerk voor de opvolger "Last Call" op basis van een exemplaar dat ons vanuit de USA werd toegestuurd. Het is deze CD die nu zowat 3 jaar later eindelijk officieel gereleased wordt in Europa door Rounder Europe en verdeeld door Munich Records. "Last Call" van de in Woodbury, Tennessee opgegroeide en inmiddels in Nashville woonachtige singer-songwriter Stephen Simmons bevat zestien prachtige Americana-liedjes, variërend van vrolijk en up-tempo tot traag en meeslepend. Wat "Last Call" naast de knappe liedjes en arrangementen echter vooral tot een mooie plaat maakt is het stemgeluid van Simmons. Soms is het opgewekt, dan weer gekweld of rauw, maar ontroeren doet het altijd. "Last Call" is een album met de nodige religieuze uitingen en tintjes, maar daarbuiten weet hij ook andere "waarheden" in zijn verhalen te verwerken. Met hulp van onder anderen Kevin Vaughn op de gitaar, Dave Jacques op de bass en David Henry op cello is dit album dan ook een goed verteerbaar werkstuk geworden.Na de fraaie opener "The Good Life", over materialisme, is de titeltrack "Last Call", een van de nummers die het geloof aan de kaak stelt. Muziek met religieuze uitingen en tintjes klinkt al gauw prekerig en op den duur heel gedateerd. Waardoor de kwaliteit van de muziek zelf dus heel belangrijk wordt. Gelukkig is Stephen Simmons ook op dit gebied in vorm, zodat zijn gloeiende Americana ook zonder de teksten boeit. De andere nummers bestaan uit voornamelijk mooie verhalen met nogal wat twijfel, spijt en schuldgevoelens erin verwerkt. Het bijna zeven minuten durende "Loserville" is een song over hoe verveling en baldadigheid een foute wending kunnen nemen, en is slechts een van de vele voorbeelden hiervan. Een tip voor liefhebbers van het betere Americana en singer/songwriterwerk. (valsam & ook vooral Freddy in zijn jongere dagen) 10.28.04 ROOTSTIME Free-zine #104 (Belgium) STEPHEN SIMMONS | Last Call "Just enjoy the more than 70 minutes of this surprisingly beautiful cd with great songs and wonderful lyrics. It’ll have a nice spot in my year’s end list." ROOTSTOWN ALL HITS NO MISSES Stephen Simmons is een uitstekende singer-songwriter, die ons zijn debuut presenteert (hij schijnt ooit een mini-cd’tje met 5 live nummers in eigen beheer te hebben uitgebracht, maar dat tellen we voor het gemak niet mee). Hij komt uit een klein stadje in Tennessee, zijn ouders waren typische middenstanders en aanhangers van de Church of Christ. Vooral dat laatste, het opgroeien met de Church of Christ, het hebben van ‘hiaten’ in wat je hebt geleerd, houdt Stephen bezig. In zijn teksten is er ruim aandacht voor ‘sin’ (zonde), ‘salvation’ (verlossing), ‘redemption’ (inlossing), ‘baptism’ (doop), enz. Erg bont maakt hij het in de titelsong Last Call, waarin hij de laatste oproep om drankjes te bestellen vergelijkt met de laatste oproep van Jezus om ‘thuis’ te komen (zij het wel vanuit het perspectief van een probleemdrinker): ‘mamma get off the phone, I’m waiting for Jesus to call. He said he wouldn’t be gone long, but it’s been over ten years now, I think it’s time he finally called me home’. Maar niet alleen de kerk (er is ook nog Baptism en Dirty Side Of Me) houdt hem bezig, ook de liefde (Betty, I’m Married, Just Like Love) en het overleven in de huidige maatschappij (Loserville, Shut Up Samantha, Shirley’s Stables, Grey Skies). Last Call is een dijk van een plaat. Het begint al direct met The Good Life, een prachtige ballad die begint met gitaar en mondharmonica en de eerste woorden van Stephen. Het is of je Steve Earle hoort, de hele atmosfeer heeft er veel van weg, maar Stephen heeft een betere zangstem. Even verderop in het nummer legt Paul Niehuis een verrukkelijk dekentje neer met zijn pedal steel. Het tweede nummer, Last Call, heeft een stevige elektrische aanpak in twee verschillende ritmes. Na deze twee nummers is er nog een vol uur (!) te gaan, want er is niet moeilijk gedaan over een minuutje meer. De ballads overheersen, maar worden op de goede momenten afgewisseld met (iets) steviger nummers. Prachtige momenten beleef je met Betty, I’m Married, waarin Stephen een ‘boze’ droom heeft, waarin hij ene Betty van zich af moet houden en dat valt hem niet mee, want Betty is mooi (‘Well the band did play and Betty did sing, and she kept pouring drinks, and she kept playing me?’), met Forgive Me Father (‘She held me tighter than a lover who just wants to play, and in some twisted way it’s all that kept her from going insane. Forgive me Father for what I done here today’) en met eigenlijk alle overige songs. Stephen zelf, zoals dat een singer-songwri-ter betaamt, goed voor vocals, akoestische gitaar en harmonica, krijgt hulp van een paar grote jongens: Dave Jacques (bas) en Paul Griffith (drums, percussie) kennen we van de cd’s en optredens van John Prine en Paul Niehuis is op veel nummers aanwezig met een prachtig begeleidende pedal steel. Op enkele nummers horen we fiddle, cello en mandoline. Wendy Newcomer zorgt voor achtergrondvocalen op een paar nummers. Ga eens luisteren naar deze man. Verwacht geen nieuwigheden (is dat op dit terrein nog wel mogelijk?), maar geniet meer dan 70 minuten lang van een verrassend mooie cd met prima songs en uitstekende teksten. Goed voor een leuke plek op mijn eindejaarslijstje. Marc Nolis 12.28.04 ROOTSTIME e-magazine (Belgium) STEPHEN SIMMONS | Last Call Af en toe belandt er in de brievenbus een plaatje waar je niet zo'n zin in hebt. Zo'n plaatje verpakt in van dat hoe-krijg-ik-het-in-godsnaam-los plastic, met een vel gekleurde voorkant. Het blijken vaak de mooiste te zijn. "Last Call" van de in Woodbury, TN, opgegroeide en inmiddels in Nashville woonachtige singer/songwriter Stephen Simmons, voldoet precies aan de criteria. Hij slingerde dan ook al een poosje rond voor ik 'em toch maar eens opzette. En hij liet daarna ook niet meer los. Zestien prachtige Americana-liedjes staan erop variërend van vrolijk en up-tempo tot traag en meeslepend. Wat "Last Call" naast de knappe liedjes en arrangementen echter vooral tot een mooie plaat maakt is het stemgeluid van Stephen. Soms is het opgewekt, dan weer gekweld of rauw, maar ontroeren doet het altijd. "Last Call" is een album met de nodige religieuze uitingen en tintjes, maar daarbuiten weet hij ook andere 'waarheden' in zijn verhalen te verwerken. Met hulp van onder anderen Kevin Vaughn op de gitaar, Dave Jacques op de bass en David Henry op cello is dit album dan ook een goed verteerbaar werkstuk geworden. De zestien tracks tellende cd geven hier zeker blijk van. Na de fraaie opener "The Good Life", over materialisme, is de titeltrack "Last Call", een van de nummers die het geloof aan de kaak stelt. Muziek met religieuze uitingen en tintjes klinkt al gauw prekerig en op den duur heel gedateerd. Waardoor de kwaliteit van de muziek zelf dus heel belangrijk wordt. Gelukkig is Stephen Simmons ook op dit gebied in vorm, zodat zijn gloeiende Americana ook zonder de teksten boeit. De andere nummers bestaan allemaal uit goede staaltjes songwriting, voornamelijk mooie verhalen met nogal wat twijfel, spijt en schuldgevoelens. Het bijna zeven minuten durende "Loserville" is een song over hoe verveling en baldadigheid een foute wending kunnen nemen, en is slechts een van de vele voorbeelden hiervan. Een tip voor liefhebbers van het betere Americana en singer/songwriterwerk: gaat dit horen. Dan beloof ik dat ik me nooit meer zal laten misleiden door de felle kleuren van cd-hoesjes. Top! |